Borsten maken de vrouw? |
|
De helft van de volwassen bevolking heeft ze. Toch slagen ze er - ondanks het feit dat ze allesbehalve dun gezaaid zijn - keer op keer in groot enthousiasme op te wekken. Vooral bij de mannen. En vooral als ze groot en stevig zijn.
|
|
Nee, over aandacht hebben ze doorgaans niet te klagen, die borsten van ons. Maar waar zit ‘m dat nou in? Waarom vinden zo velen een paar mooie borsten mateloos opwindend en geven ze niks om een stel fraaie knieën? En wat zit daar nou achter, dat ze maar beter groot kunnen zijn dan klein?
Appels en peren Je hebt borsten in alle soorten en maten. Sterker nog: geen enkele vrouw heeft twee identieke borsten. Bovendien veranderen je borsten naarmate je ouder wordt. Helaas, helaas, de borsten die je nu hebt, die heb je over tien jaar niet meer. De meeste mannen zijn dol op borsten. Ze kijken er graag naar, zitten er graag aan en hébben ’t er ook graag over. Nooit zijn ze te beroerd om hun vrienden te wijzen op een paar fraaie exemplaren. Ze hebben er ook tal van benamingen voor. Fruit doet ‘t goed, maar niet alle fruit wordt even lekker gevonden. Zo zijn appels populairder dan peren. Meloenen wekken de heftigste reacties op. Maar zeg nou zelf: je zal d’r maar mee rond moeten sjouwen. Groot, groter, grootst Al zijn er zat mannen die de voorkeur geven aan een vrouw met kleine borsten, die kleine borsten mooier en spannender vinden, toch raken we met z’n allen het idee niet kwijt dat borsten groot en stevig moeten zijn. Daarom worden veel vrouwen er onzeker van als ze niet veel meer hebben dan twee erwten op een plank. Of als wat eens trots overeind stond, er nu een beetje triest bij hangt. Daarom trekken ze geen strakke truitjes aan, dragen ze beha’s met vulling of gaan ze naar de plastisch chirurg. Grote, stevige borsten zijn in staat mannen volledig van hun à propos te brengen. Misschien ken je ’t wel. Dat hij – tijdens wat een goed gesprek had moeten worden - in plaats van in je ogen steeds zo’n 35 centimeter lager kijkt. Of erger: dat zijn ogen tijdens een serieus gesprek afdwalen naar de enorme voorgevel van een voorbij deinende, wulpse blondine. Dat dat dan weer een blondje is, dat is ook niet voor niks. Al lopen er vast net zoveel brunettes, rood- en zwartharigen rond die gezegend zijn met een D-cup. Grote, stevige borsten zijn namelijk een beetje als blond haar: er worden tal van kwaliteiten aan gekoppeld die in werkelijkheid geen hout snijden. Ook niet die enorme bos hout die daar voor de deur ligt. Flinke jongens? Pret in bed! Zo zien velen een zelfde verband tussen haarkleur en intelligentie als tussen cupmaat en de inhoud van je hersenpan. Blondjes en rondborstige dames zijn de snuggersten niet. Klimt een rondborstige stoot in een collegebank of gaat ze het zakenleven in, dan heeft ze allereerst dat vooroordeel te bevechten: dat ze waarschijnlijk niet tot tien kan tellen. Maar ze mag dan dom zijn, ze is wél lekker. En in bed lust ze er pap van. Hoe vaak vang je niet op dat de ene (vaak erg jonge) man tegen de andere zegt: ‘Heb je de nieuwe vriendin van die-en-die al gezien? Díe heeft dikke tieten!’ Einde mededeling. Maar zijn gesprekspartner weet wat dat betekent: de nieuwe vriendin van die-en-die is een ongelooflijk lekker ding, wil voortdurend seks, doet in bed dingen waar vrouwen met een A-cupje feestelijk voor bedanken, spreekt haar man nooit tegen en slikt áltijd door. Kortom: die-en-die is een gelukkig man. En slaat dat nog ergens op? Wat aan de basis van die vooroordelen ligt, is het idee dat vrouwen met grote borsten vrouwelijker zijn dan vrouwen met kleine borsten. Want alle vrouwen hebben borsten. Dat de een grotere heeft dan de ander, dat moet dan toch wat te betekenen hebben? Nou, mooi niet. Die enorme variatie in borstomvang heeft geen enkele functie. Hoe je borsten erbij staan of hangen, zegt niets over of je wel of niet gezond, wel of niet vruchtbaar bent. Het zegt ook niks over je vrouwelijkheid: een vrouw met grotere borsten hoeft niet een hoger oestrogeengehalte oftewel meer vrouwelijke geslachtshormonen te hebben dan een vrouw met kleinere borsten. Meer borst, meer melk? Nou, dan zal een vrouw met grote borsten wel meer melk kunnen geven dan een vrouw met kleine, en is de man onbewust op zoek naar een geschikte moeder voor zijn kinderen. Ook niet waar. Vrouwen met kleine borsten hebben evenveel melk als vrouwen met grote. Die melk wordt namelijk geproduceerd door het klierweefsel in de borst. En daar hebben de minder bedeelden onder ons echt niet minder van. Om je kinderen te voeden heb je die borsten – die voornamelijk uit vetweefsel bestaan -helemaal niet nodig. De krengen kunnen zelfs behoorlijk in de weg zitten. Sommige baby’s worden bijna gesmoord door dat enorme vetkussen dat de in verhouding kleine tepel omgeeft. Vandaar dat mams zo nu en dan haar tiet weg moet trekken van het kabouterneusje: anders krijgt junior geen lucht. Die halve bollen van ons, die zie je dan ook alleen maar bij de mens. De dames aap en mensaap hebben platte borsten als ze geen borstvoeding geven. Geven ze melk, dan zwelt het gebied rond de tepel wat op. Hun tepels zijn bovendien langwerpig – dat drinkt gemakkelijk weg. Hé, dat is geen vent! Het formaat ervan mag dan geen enkele diepere betekenis hebben, wij vrouwtjesmensen hebben die borsten niet voor niets. Althans, dat beweert zoöloog Desmond Morris. Alle andere primatensoorten lopen op vier poten. Hun vrouwtjes geven seksuele signalen af via hun achterste. Wíj lopen op twee benen. Wij worden doorgaans niet van achteren benaderd, maar van voren. Die billen zie je dan niet. Daarom heeft de evolutie gezorgd voor een paar namaakbillen aan de voorkant. Volgens Morris dienen borsten in hun seksuele rol eerst als visuele prikkels en daarna als tastprikkels. Van verre zie je onder andere door die borsten al: hé, dat is geen vent die daar loopt. Desmond voegt daar alleraardigst aan toe: ‘Op kortere afstand maakt dit ruwe signaal plaats voor meer subtiele indicatoren die de leeftijd verraden.’ Hij heeft het over de zeven stadia van de vrouwenborst. Allereerst is er ‘de tepelborst van de jeugd’ oftewel het erwtje op de plank. Dan volgt ‘de ontluikende borst van de puberteit’, gevolgd door ‘de puntige borst van de adolescente vrouw.’ Het blijft leuk met ‘de stevige borst van de jongvolwassene’ en ‘de volle borst van het moederschap’. En dan wordt het een en al ellende met ‘de zakkende borsten van de middelbare leeftijd’ en - ten slotte – ‘de hangende borsten van de ouderdom’. (Graag voeg ik daar nog een stadium aan toe, en wel dat van de ‘die-mogen-er-best-nog-wel-wezen borsten van de 35+ vrouw’. Want meneer Morris gaat wel erg hard. Maar dat tussen haakjes.) Plezier voor twee Blijkbaar zijn die vetkussens van ons niet meer dan versiersels. Maar dan wel versiersels waar zowel de mannen als wij veel plezier aan kunnen beleven. De mannen omdat ze het heerlijk vinden om eraan te zitten: zij hebben niet van die zachte, kneedbare bulten. Bovendien schijnt de tepelhof (de kring om de tepel) kliertjes te bevatten die een seksuele geur afscheiden – en die geur windt hen nóg meer op. En wij laten het maar wat graag over ons heen gaan, als zij strelen en kussen en likken en zuigen. Want onze borsten zijn heel gevoelig. Bij sommige vrouwen zelfs zó gevoelig dat je alleen maar wat quality time aan hun borsten hoeft te besteden om ze klaar te laten komen. Wiens idee het ook was: bedankt voor de borsten! |


